Tagarchief: E. Van Wingen NV

Noorderhart is verzekerd van continue stroom

Kopie van lokaal autonoom net kopiëren
Lees het gehele artikel

Wel dat recent alweer een nieuwe gebruiker aan de lijst van tevreden klanten is toegevoegd: Noorderhart, de koepel van het Limburgse Mariaziekenhuis en het Revalidatie & MS Centrum te Pelt. Het noodstroomaggregaat van 1.000 kVA dat beantwoordt aan de hoogste kwaliteitsnormen werd inmiddels geleverd en zal weldra in bedrijf worden gesteld. Aan deze levering wordt zoals gebruikelijk een onderhoudsovereenkomst verbonden, waarmee de gebruiker op lange termijn een partnership met EVW aangaat om de noodstroomvoorziening paraat en in goede conditie te houden.

Tekst en beeld E. Van Wingen NV

Noodstroomvoorzieningen worden wel eens in verband gebracht met kwalijke uitstoot. Ook EVW is zich hiervan bewust en werkt volop aan alternatieven. Als bedrijf heeft EVW innovatie hoog in het vaandel staan. Sinds 1992, toen een eerste warmtekrachtkoppeling werd geïnstalleerd, heeft ze al een hele roadmap afgewerkt: van CO2-reductie door meer energie-efficiëntie en over CO2-neutrale oplossingen naar 0 gram CO2. Het begon met decentrale productiesystemen met warmtekrachtkoppelingen, van aardgas tot biogas en sinds kort ook op waterstof. De H2-WKK, die samen met UGent werd ontwikkeld, heeft inmiddels al de duurproef doorstaan en is klaar om uitgerold te worden in de markt. Hiermee is EVW andermaal een voortrekker in de energietransitie naar 100% hernieuwbaar. Op te merken valt dat de EVW WKK’s in Vlaanderen worden ontworpen, gefabriceerd en ook geserviced, wat meteen ook de duurzaamheid van deze innovatie voor de lokale economie onderstreept.

Noodstroomoplossingen met H2

Omdat de toepassing van H2 in warmtekrachtkoppelingen misschien eerder voor de hand ligt dan in noodstroomvoorzieningen, ontwikkelt EVW ook noodstroomoplossingen met H2. Ondertussen bieden de projectontwikkelaars die op zoek zijn naar duurzame energieoplossingen zich aan. Samen met EVW gaan ze op ontdekkingsreis in het nieuwe energielandschap. Deze Vlaamse KMO heeft er dan ook alle vertrouwen in dat de doorbraak van de 0 gram CO2-oplossingen niet lang meer op zich laat wachten.

Noodstroomvoorzieningen worden wel eens in verband gebracht met kwalijke uitstoot. Ook EVW is zich hiervan bewust en werkt volop aan alternatieven.

Black-out dreiging

De ontwikkelingen in de wereld van het elektriciteitsnet brengen nog een ander belangrijk aspect naar voren: omdat het aandeel hernieuwbare energie in de stroomopwekking – gelukkig – toeneemt, zou dit voor netcongestie kunnen zorgen wanneer alle alternatieve productie ineens aan het net wordt geleverd. Bijvoorbeeld op een zonnige of een stormachtige dag. De productieinstallaties moeten daarom aan strenge eisen voldoen, die worden gesteld door Synergrid in België, net zoals door gelijkaardige instanties in andere landen. Proactief inspelend op de black-out dreiging contracteert Elia aggregatoren in het kader van het bewaken van het netevenwicht of de bevoorradingszekerheid. Dienstverleners van flexibiliteit zoals aggregatoren kunnen vandaag al deelnemen aan de calls voor een aantal reserveproducten van netbeheerder Elia zoals R3 (manual Frequency Restoration Reserve), R1 (Frequency Containment Reserve) en SDR (Strategic Demand Reserve). Daarnaast kunnen deze aggregatoren ook commerciële diensten rechtstreeks aanbieden aan netgebruikers, leveranciers of evenwichtsverantwoordelijken. Eigenaars van noodstroomproductie-installaties worden door de aggregatoren gecontracteerd met het oog op beschikbaarheid van hun installaties als reserve-eenheid. Dit resulteert in de praktijk in zeer weinig draaiuren maar kan toch een financieel interessante opportuniteit betekenen. Hier tegenover staan uiteraard ook technische vereisten. Het zijn begrijpelijk enkel Synergrid goedgekeurde productie-eenheden die als reserve-eenheid aan het net gekoppeld mogen worden. E. Van Wingen NV beschikt met de final homologation Synergrid C10/26 over deze goedkeuring.

Onbemande elektrische vaartuigen zonder CO2-uitstoot en lawaai

Ook Europees laat EVW van zich spreken. Als KMO uit de Gentse Kanaalzone is de onderneming een technische partner in AVATAR, het Europese Interreg-project dat recent van wal stak en loopt tot in 2023. Het zet in op onbemande elektrische vaartuigen die zonder CO2-uitstoot en lawaaioverlast zullen bijdragen aan minder verkeer in moderne stadskernen. Binnen één van de werkpakketten van AVATAR worden potentiële users cases uitgewerkt door kennisinstellingen zoals TU Delft, Universiteit Oldenburg, KU Leuven, OC Hout&Bouw en nog andere partners zoals Logistics Initiative Hamburg en dus ook E. VAN WINGEN NV, dit alles onder leiding van POM Oost-Vlaanderen. Eén daarvan bestaat erin om groene stroom, opgewekt met zon of wind in de regio, overdag op te slaan in waterstof. Combineer dit met stadsdistributievaartuigen die elektrisch aangedreven worden en er wenkt een zeer interessant resultaat. De waterstof wordt ’s nachts door een WKK op H2 omgezet in stroom waarmee de elektrische vaartuigen de batterijen kunnen volladen. Dit laden gebeurt aan de rand van de stadskern, in buurten waar woonkernen of gebouwen gelegen zijn (bijvoorbeeld: Dok Noord in Gent, havengebouwen, enz.). Terwijl de vaartuigen laden aan de ICE WKK komt warmte vrij. Die warmte wordt vervolgens nuttig aangewend ter ondersteuning van de cv-installatie van bijvoorbeeld een KMO. In de praktijk zou de warmte ook overgedragen kunnen worden aan een stadsverwarmingsnet. Van de uit de groene waterstof opgewekte stroom en warmte gaat dus nagenoeg geen energie verloren. De voordelen van dit project zijn het hoge rendement, het beperken van warmteverliezen, het uitsluiten van netcongestie en het uitsparen van transport over de weg. Wetend dat de oplossing in Vlaanderen wordt ontwikkeld, is ook het voordeel voor de lokale tewerkstelling duidelijk.

Broed je zelf ook op een user case die verband houdt met de AVATAR doelstellingen, aarzel dan niet om contact te nemen met één van de partners.   

WKK op kleine schaal in de lift

la_2578v-kopieren
Lees het gehele artikel

Met een totaal vermogen van ongeveer 2700 megawatt draait de warmtekrachtkoppelingsector (WKK) op volle toeren. De door WKK opgewekte elektriciteit dekt ongeveer 18 procent van het totale verbruik in België. Maar WKK hoeft niet alleen van toepassing te zijn op grote industriële installaties. Een opvallende trend is dat ook kleinere installaties, bij een kleinere warmtevraag, goede en energie-efficiënte resultaten opleveren. Zogenaamde micro-WKK’s, een WKK met vermogen van 1-50 kW, worden steeds vaker geplaatst.

Ook sectorfederatie COGEN merkt dat WKK in volle evolutie zit. “Eerst was WKK vooral gericht op de industriële sector. De laatste tien jaar kwam de glastuinbouw erbij. De jongste jaren duiken er echter steeds meer kleine vermogens op: in plaats van installaties van verschillende megawatten zien we vaker WKK-centrales met een vermogen van 200 à 500 kW, bijvoorbeeld in de zorgsector. En het einde is nog niet in zicht, want ook vermogens van 5-50 kW worden steeds vaker geïnstalleerd, wat samengaan met een uitbreiding van toepassingsgebieden voor WKK”, zegt communicatiemedewerker Jörg Baeten. Bovendien is er een trend naar het flexibel inzetten van WKK, door de combinatie met thermische buffers. Dit maakt van WKK een uitgelezen aanvulling op hernieuwbare energie. Een netwerk van steeds kleinere installaties kan het net immers ondersteunen op lokaal niveau, met een grotere energiebeschikbaarheid als resultaat.

WKK van E.ON bij Promat.

WKK van E.ON bij Promat.

 

Een andere evolutie is dat het vermogen vaker wordt opgesplitst. Jörg Baeten: “Vroeger zou men er bijvoorbeeld voor kiezen om één centrale met een vermogen van 40 kW in te zetten. Nu zijn dat er vaker twee van 20 kW elk. Daarmee vang je seizoenschommelingen op: in de zomer kan het bijvoorbeeld volstaan om slechts één van de twee motoren te laten draaien.”

Ook voor kmo’s
Een WKK-installatie met kleiner vermogen betekent ook dat WKK ook voor kmo’s steeds interessanter wordt. Al wil dat niet zeggen dat elk klein bedrijfje baat heeft bij WKK: zonder een bepaalde, bij voorkeur constante warmtevraag valt er onvoldoende voordeel uit een WKK te halen. “Alleen voor bedrijven die een bovengemiddeld energetisch vermogen nodig hebben is WKK nuttig, zoals een traiteur of een bakker”, aldus Baeten.

Ook specialist E. Van Wingen NV gelooft sterk in het potentieel van micro-WKK’s, zeker voor kmo’s. Het bedrijf dat zelf zowel in de industrie als in de ziekenhuiswereld reeds behoorlijk aanwezig is met grotere warmtekrachtekoppelingen, heeft vanuit zijn meer dan 25 jaar ervaring als fabrikant van WKK’s een standaard plug-in product  voor kleinere energiebehoeften op de markt gebracht, onder de naam Mini-WKK. General Manager Jean-Pierre Van Wingen: “Voor een gelijkaardig budget als dat voor een bedrijfswagen kan een kmo vandaag fors besparen op de energierekening. Een Mini-WKK zorgt voor de productie van stroom en warmte bij een totaal rendement van dikwijls meer dan 90%.”

warmtekrachtkoppeling-kopieren

WKK hoeft niet alleen van toepassing te zijn op grote industriële installaties. (beeld: Van Wingen)

 

Het aantal kmo’s dat gebruikmaakt van WKK kan nog sterk de hoogte in, meent Van Wingen. Voor bedrijven die de installatiekost niet meteen on-balance willen dragen, is het mogelijk om de micro-WKK te leasen of te werken met een ESCO-formule, waarbij de gebruiker betaalt in functie van de bespaarde energie. Het is dan een derde partij die in de installatie investeert en instaat voor de opvolging en het onderhoud ervan.

Zorgsector
Micro-WKK’s zijn al veelvuldig terug te vinden in bijvoorbeeld de kleinere industrie of de Woonzorgcentra. Toch is er ook in deze sectoren nog werk aan de winkel, zegt Jean-Pierre Van Wingen. “Op een paar uitzonderingen na zouden alle zorg-instellingen over minstens één WKK moeten beschikken. Het typische verbruiksprofiel leent zich daar uitstekend toe. Toch is een duurzaam energiebeleid in de zorgsector nog niet overal ingeburgerd, en voor zo’n typisch zachte sector is dat toch verbazingwekkend.”

Men kan er natuurlijk ook voor kiezen WKK’s op wijkniiveau in te zetten. Hier bieden de micro-WKK’s een interessante oplossing. “Woonprojecten of wijken bieden mogelijkheden. Daar zal de WKK zijn taak vervullen binnen het intelligente, lokale en autonome stroom- en warmtenet, dat de bewoners van de goedkoopste en meest duurzame warmte en stroom zal voorzien”, besluit Jean-Pierre Van Wingen.

Voor particulieren zijn er inmiddels ook al residentiële micro-WKK-oplossingen beschikbaar. Er zijn brandstofcel-WKK’s waarvan het thermische en elektrische rendement mooi aansluiten bij het residentieel verbruik.